Heksengedichtje

 

Heksengedichtje
 
Zeg lieve kleine toverheks, 
toe zeg een toverspreuk. 
En tover eventjes iets geks, 
dat lijkt ons heel erg leuk 
 
Ik tover eerst een kat die fluit 
Een varken zonder staart
een vis die limonade spuit 
een kikker met een baard. 
 
Straks tover ik een appelflap. 
Een koning zonder kroon. 
 
Het spijt ons lieve toverheks, 
dat vinden wij te gewoon.
 
Opzegversje 1
 
Eens per week krijgt onze klas,
Bijzonder fraai bezoek.
Dan stapt de slimme schoolheks,
Uit het grote sprookjesboek.
 
Ze zet ons in een heksenkring,
En geeft ons rattenthee.
Dan leert ze ons haar tovertrucs,
En roept: Heksenidee!
 
Als ze klaar is met de les,
Stapt zij weer in het boek.
Ook al ben ik wel wat bang, 
Ik hou van haar bezoek.
 
 
Opzegversje 2
 
Ja, boven op de bokkenberg,
Daar zat een oude heks.
Een man vroeg: " Kun jij toveren?"
Nou? Tover es wat geks.
Zij toverde twee pennen,
Die gooiden hem met stenen.
Zij toverde een touw,
Dat sloeg hem bont en blauw.
Zij toverde een toren,
Die trok hem aan zijn oren.
Zij toverde een maan,
Die op zijn voet ging staan.
Zij toverde een slede,
Die smeet hem naar beneden.