Les meten in thema moederdag (of evt. sinterklaas)

0

 

LESVOORBEREIDING

 

Groep: kleuters

Datum:

 

Aantal kinderen:

Vakgebied: Rekenen: meten

 

Mentor:

Opdracht stageboek blz.:

 

Wat wil je zelf beter leren/oefenen:

 

 

Beginsituatie:

Het thema moederdag is al geïntroduceerd en hebben al in de moederdaghoek gespeeld.

 

Doelstelling:

 

Aard

Soort

Procesdoel

Productdoel

 

Kennisdoel

 

 

De kinderen leren dat je dingen op kunt meten (met natuurlijke of standaard maten) en dat je daarmee bepaalde problemen kunt oplossen.

 

 

Vaardigheidsdoel

 

 

 

De kinderen leren op welke manier je het beste met een bepaald meetinstrument kunt meten en ze oefenen in het classificeren.

 

Vormingsdoel

 

 

 

 

 

Organisatie: (wat heb je nodig, wat moet je regelen)

  • Een ingepakt moederdagcadeautje dat is ingepakt met te veel pakpapier.
  • Drie verschillende maten pakpapier, waarvan de middelste precies groot genoeg is voor mijn cadeautje.
  • Ong. vier verschillende maten pakpapier, waarvan er twee redelijk goed om het cadeautje passen.
  • Heel groot stuk pakpapier
  • Een touwtje waarmee de kinderen kunnen meten
  • Een liniaal of andere meetinstrumenten

 

 

Evaluatie van de les:

 

 

 

Vakinhoudelijk draaiboek

 

 De kinderen worden in de sfeer gebracht van cadeautjes en pakpapier.

 

De kinderen zijn bezig met de begrippen, groot en klein.

 

 

 

 

 

 

De kinderen zijn bezig met het vergelijken van groottes.

 

 

 

 

 

 

De kinderen zijn bezig met het meten met natuurlijke maten. (Eventueel met standaard maten.)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Pedagogisch-didactisch draaiboek

 

Inleiding: Je laat de kinderen een klein cadeautje zien dat voor je moeder is, in het thema van moederdag. Dat cadeautje is met veel te veel pakpapier ingepakt. Je bent heel teleurgesteld, omdat het me maar niet lukte om het cadeautje netjes in te pakken. Je vraagt aan de kinderen hoe dat kan. Daarna zal je op de reacties van de kinderen moeten reageren; misschien weten ze direct het antwoord wel, maar misschien zullen we het ook eerst moeten uitpakken om erachter te komen dat je veel te veel pakpapier hebt gebruikt.

 

Kern: Als de kinderen het hebben ontdekt, laat je drie maten pakpapier zien (redelijk verschil in groottes) en vraag je welke je dan beter kan gebruiken. Welke past het beste denk je? Waarom denk je dat? Enkele kinderen laten antwoorden. De meeste kinderen zullen bij deze wel het juiste pakpapier kiezen. Dan gaan we samen ‘passen’.

 

Hierna pak je meer verschillende soorten pakpapier, die minder in grootte verschillen en een ander cadeautje. Hierbij kan dus een discussie ontstaan over welk soort pakpapier het beste gebruikt kan worden. Als er geen discussie ontstaat tussen de kinderen, wakker je deze zelf aan door aan te geven dat een maat kleiner of groter pakpapier ook wel zou passen. Waarschijnlijk willen de kinderen het pakpapier er gewoon om heen passen om te kijken welke het beste past. Daarna kun je het grootste stuk pakpapier en een ander cadeautje pakken en vragen: “Dit stuk pakpapier is natuurlijk veel te groot. Hoe kan ik er nu achter komen hoe groot het stuk moet zijn, dat ik moet afknippen?” Geef ze hierbij een meetinstrument dat aansluit bij het niveau van je klas. (Zijn ze al met standaard maten bezig geweest of alleen met natuurlijke maten?) Evt. kun je dit nog een keer herhalen met een groter of kleiner cadeautje.

 

Afsluiting: Je kunt in moederdaghoek nu ook pakpapier en meetinstrumenten neerleggen zodat de kinderen daar verder kunnen gaan met het meten van pakpapier en inpakken van cadeautjes. Je legt er nu hele grote stukken papier neer, zodat de kinderen hiermee aan het meten en passen gaan. (Dit vertellen na de les!)

Tijd

 

 5 / 10 min.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

20 min.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

           

 

No comments